
Het Special Operations Regiment traint op tactische luchtinzet in Blythe, in de Verenigde Staten
10 april 2026
-
In de eerste twee weken van april traint het Special Operations Regiment tactische luchtinsertie en -leveringen tijdens de oefening Tactical Air Insertion (TAI26). Het uitgestrekte luchtruim van Californië, het ruige terrein en de hitte bieden de Belgische eenheden de mogelijkheid hun vaardigheden aan te scherpen. Landmacht en Luchtmacht werken nauw samen om operaties op grote en zeer grote hoogte uit te voeren, met de A400M toestellen van de 15e Wing als cruciale schakel.
Onder een genadeloze zon en met de Californische bergen op de achtergrond stijgt een A400M op van de luchthaven van Blythe. Aan boord bevinden zich operatoren van de Special Forces Group, samen met Special Reconnaissance teams van het 3e Bataljon Parachutisten en het 2e Bataljon Commando’s. Hun opdracht start in de lucht, maar eindigt pas diep in het terrein, waar ze de verschillende fasen van de tactische operatie verder uitvoeren.
Met TAI26 traint het Special Operations Regiment (SO Regt) precies die capaciteiten die essentieel zijn voor zijn operationele inzet. “Het doel van Tactical Air Insertion is om de operatoren van de Special Forces Group en de Special Reconnaissance capaciteit van onze bataljons te trainen in sprongen op grote en zeer grote hoogte”, legt majoor Marco uit, hoofdverantwoordelijke van de oefening. Deze wordt ondersteund door het 14e Medische Bataljon, de 6e Groep Communicatie- en Informatiesystemen, de Military Police Group, de Movement Control Group, de Meteo Wing, het Trainingscentrum voor Parachutisten, het luchtbevoorradingspeloton RavAir (Ravitaillement par Air) en de 15e Wing Luchttransport.
Full Mission Profiles
Wat TAI26 onderscheidt van andere parachutetrainingen is de nadruk op de Full Mission Profiles. Deze realistische simulaties van een volledige missie omvatten alle operationele fasen (voorbereiding, uitvoering, onvoorziene omstandigheden en terugkeer).
De parachutesprong vormt daarbij slechts één onderdeel van een bredere operationele oefening. “We bereiden de opdrachten voor, plannen en voeren de sprongen uit en gaan daarna verder met een tactisch scenario. Dat is in België, en zelfs in Europa, zeer moeilijk te organiseren”, verduidelijkt Marco. De training volgt het principe train as you fight: de operatoren springen in operationele configuratie, met hun volledige organieke bewapening en, op zeer grote hoogte, met zuurstof. “De militairen zijn zwaar beladen en de lokale omstandigheden maken het extra uitdagend.”

-
Vorderen vanuit de lucht
De oefening is progressief opgebouwd. De eerste fase is gericht op het behalen van technische kwalificaties, uitgevoerd vanuit een Sherpa toestel. Daarna stappen de deelnemers over op de A400M, het operationele platform van Defensie, om vervolgens te springen en materiaal te droppen op hoogtes tussen 13.000 en 18.000 voet. De systemen voor luchtlevering op (zeer) grote hoogte van het peloton RavAir maken het mogelijk om voorraden, materieel of munitie met precisie te droppen.
Na de initiële technische fase evolueert TAI26 naar volledig tactische scenario’s. De sprong wordt dan een middel, geen doel op zich. “De nadruk ligt op de voorbereiding van de opdracht, de inzet en de daaropvolgende Full Mission Profiles, met onder meer schietoefeningen, op vijandelijke inlichtingen gebaseerde scenario’s en de inzet van onbemande luchtvaartsystemen”, legt Marco uit. Die integratie van verschillende capaciteiten levert een belangrijke operationele meerwaarde op.
Hand in hand met de Luchtmacht
De nauwe samenwerking met de Luchtmacht, en in het bijzonder de 15e Wing Luchttransport, is essentieel. “Onze leerdoelen zijn quasi identiek. We profiteren van elkaars capaciteiten om onze kwalificaties te behalen”, benadrukt Marco. Die gezamenlijke aanpak versterkt de interoperabiliteit en verhoogt de operationele slagkracht van beide machten.
De keuze voor Blythe als oefenlocatie is geen toeval. Terwijl het Europese luchtruim sterk gereguleerd is en trainingen vaak gebonden zijn aan strikte beperkingen, biedt Californië de nodige vrijheid voor het trainen van complexe scenario’s. “Het klimaat is ideaal en het luchtruim is enorm, waardoor we dag en nacht kunnen trainen”, aldus majoor Marco. “In België of Europa is het luchtruim zeer beperkt. Hier kunnen we vanop zeer grote hoogte infiltreren zonder hinder van burgerluchtverkeer.”
Ook op de grond biedt Blythe unieke mogelijkheden. Met ongeveer 6.000 km², iets meer dan tweemaal de oppervlakte van Luxemburg, biedt het ruimte voor navigatie, schietoefeningen en training met scherp en explosieven. Zo kunnen de deelnemende eenheden hun procedures verfijnen binnen een samenhangend en realistisch operationeel kader.