HEADER DSC8960

Echte agentia, NAVO samenwerking en trainen in realistische omstandigheden: Belgische militairen terug van oefening Precise Response

7 juli 2026

  • Na vier weken multinationale training zijn 39 militairen teruggekeerd naar België na hun deelname aan Precise Response. Deze jaarlijkse oefening in Canada behoort tot de belangrijkste NAVO oefeningen op het vlak van chemische, biologische, radiologische, nucleaire en explosieve dreigingen (CBRNe).

     

    Van 1 tot 26 juni nam een Belgisch detachement deel aan een bijzondere CBRNe oefening in de uitgestrekte vlaktes van West Canada. De keuze voor de militaire site van Suffield is geen toeval: het is een van de weinige trainingslocaties waar met echte CBRNe agentia kan worden gewerkt. Die worden gebruikt in speciaal daarvoor ingerichte installaties, telkens onder streng toezicht. Tijdens de volledige oefening zagen veiligheidsspecialisten en experten van het laboratorium van Defensie toe op het veilige verloop van de scenario’s.

    Op het terrein kregen de teams te maken met zeer concrete situaties. Zo werden ze bijvoorbeeld ingezet op een site die kort voordien was aangevallen, waar ze tegelijk explosieven, toxische stoffen en slachtoffers moesten aanpakken. Deze scenario’s weerspiegelen de brede waaier aan CBRNe dreigingen waarmee militairen geconfronteerd kunnen worden.

    Zoals de detachementscommandant van het 11e bataljon Genie, die tijdens de oefening ook aan het hoofd stond van een Belgisch Duitse taskforce, het samenvat: “De dreigingen zijn veelzijdig. Het kan gaan om een virus, mosterdgas, sarin, maar ook om het gebruik van radiologische materialen in explosieven of besmetting na aanvallen op nucleaire installaties.”

INTER DSC8527
  • Een volledige interventieketen

    Het Belgische detachement maakte deel uit van een structuur waarin elke specialiteit op een specifiek moment in dezelfde operationele keten werd ingezet. Vanaf de eerste toegang tot een besmette zone tot de volledige behandeling van de site: de verschillende capaciteiten sloten naadloos op elkaar aan.

    De verkenningsteams van het 4e bataljon Genie gingen als eersten aan de slag. “Onze rol is om vóór de analyseteams in te grijpen. We verzamelen op het terrein zoveel mogelijk informatie en stalen om het onderzoek te ondersteunen,” legt een militair van het verkenningsteam uit.

    De verzamelde gegevens vormden de basis voor de verdere operaties. “We kijken onder meer naar de mogelijke aanwezigheid van vijandig personeel, wapens of explosieven, maar ook naar chemische, biologische of radiologische agentia,” vervolgt hij. Op basis daarvan kon de volgende fase starten: het beveiligen van de zone en het neutraliseren van de dreigingen.

INTER DSC8321
  • Neutraliseren van explosieve dreigingen

    Wanneer de situatie duidelijk in kaart was gebracht en de omstandigheden het toelieten, kwam het Explosive Ordnance Disposal (EOD)-team in actie. “Onze opdracht is om explosieve gevaren in een besmette omgeving te neutraliseren, zodat andere teams hun werk kunnen voortzetten,” legt de teamleider uit.

    Deze interventie maakte deel uit van een logica waarin veiligheid het centrale criterium vormde voor elke beslissing. “De operator die rechtstreeks ingrijpt, neemt de grootste risico’s, maar is daar specifiek voor opgeleid. Onze robot is een essentieel hulpmiddel, omdat onze procedures maximaal inzetten op interventies op afstand.”

    Zodra de dreigingen waren geneutraliseerd, kon de zone verder en gedetailleerder worden onderzocht door de analyse‑ en decontaminatieteams, waarmee de operationele keten – opgestart door de verkenning – werd afgerond.

     

    Samenwerken in besmette omgevingen

    Een van de belangrijkste uitdagingen van de oefening was het vermogen van de verschillende actoren om hun acties naadloos op elkaar te laten volgen, zoals in een echte operatie. Op het terrein namen de eenheden van de twintig deelnemende landen elkaar in elke fase over: de ene beveiligde een zone, waarna die de opdracht doorgaf aan een andere eenheid die instond voor de exploitatie, de staalname of de analyse.

    “Samenwerken met andere landen is essentieel, want bij echte operaties, of ze nu onder NAVO  of EU mandaat plaatsvinden, is die samenwerking altijd de norm,” benadrukt de commandant. “Deze oefening helpt om verschillen in procedures in kaart te brengen, taalbarrières te doorbreken en de interoperabiliteit concreet te verbeteren.”

    Naast de technische training zorgde Precise Response er ook voor dat de procedures beter op elkaar werden afgestemd tussen de partners, ondanks de verschillende nationale doctrines en gewoontes.

Auteur Camille Henry Foto's Gert-Jan D’haene