-A A +A

Andere informatie en diensten van de overheid: www.belgium.be

Dynamic Move 2017 is gestart

Dynamic Move 2017 is gestart

 

Sinds vorige week bruist het in de mijnenbestrijdingsschool EGUERMIN in Oostende van energie. Zo'n 150 personen uit vijftien NAVO- en partnerlanden nemen deel aan de jaarlijkse mijnenbestrijdingsoefening. Die wordt georganiseerd door het NAVO-hoofdkwartier Allied Maritime Command (MARCOM).

Dynamic Move is een tactische maritieme oefening, hoofdzakelijk gericht op mijnenbestrijding. De oefening vindt elk jaar plaats bij EGUERMIN, de Belgisch-Nederlandse mijnenbestrijdingsschool en competentiecentrum van de NAVO. Hieraan nemen de NAVO-partners deel en ook Finland en Zweden, beide lidstaten van het Partnerschap voor Vrede (PfP). Gedurende twee weken krijgen de deelnemers verschillende gevallen voorgelegd waarbij ze snel een analyse moeten maken van de dreiging op zee.

Dankzij de virtuele oefeningen zorgt de NAVO voor een betere en veiliger omgeving voor de burgerscheepvaart op zee. Ook de staf van het permanente NAVO-mijnenbestrijdingseskader SNMCMG1 neemt deel om gecertificeerd te worden als NAVO-Reactiemacht (NRF). Voor hen ligt de nadruk op informatie uitwisselen en operationeel samenwerken binnen de NAVO-eskaders.

Tijdens de oefeningen en simulaties werken de deelnemers met het Naval Mine Warefare Gaming-systeem. In dat wargamesysteem werken ze met interactieve scenario's en krijgen ze onmiddellijk feedback. Het systeem simuleert een situatie van mijnenoorlogvoering die interacties toelaat tussen het zoeken naar en vernietigen van mijnen, de inzet van schepen en de omgeving. Die aanpak is uniek binnen de NAVO.

Voor het MARCOM-hoofdkwartier is Dynamic Move een van de belangrijkste oefeningen in mijnenbestrijding. Hierbij staat niet enkel de mijnenjacht centraal, maar ook de logistieke ondersteuning en het aan- en bijsturen van de civiele scheepvaart.

Divisieadmiraal Wim Robberecht, de commandant van de Marinecomponent en adjunct-admiraal BENELUX, volgde even de virtuele oefeningen en zag dat het goed was. Hij volgde een briefing over virtuele oefeningen in de Baltische Zee. Daar lag de nadruk op het mijnenvrij maken van de doorgangen naar de havens Tallinn en Riga.

Op de laatste dag van de oefening bezocht een delegatie uit Estland de oefening. Die delegatie stond onder leiding van commodore Igor Schvede, vertegenwoordiger bij de NAVO en EU, en brigadier-generaal Artur Tiganik, vertegenwoordiger van Estland bij de SHAPE, het NAVO-hoofdkwartier van de Europese strijdkrachten. Voor België en Nederland een pluim voor hun kennis en inzet op het vlak van mijnenbestrijding.