maandag 29 september
We zetten onze transit verder en komen vandaag aan in onze Noble Midas-oefenzone. Deze oefening duurt dertien dagen en heeft als doel de staf van de NRF (Nato Respons Force) te trainen en de samenwerking van de NRF-strijdkrachten te controleren. Wat men allemaal onder de loep neemt: het beheer van de communicaties, het aansturen van de schepen, de samenwerking tussen de verschillende eenheden van de groep of met schepen van niet-NAVO-landen die zich in de oefenzone bevinden, enz... Een ander heel belangrijke doelstelling van deze oefening is het onderlijnen van de effectieve aanwezigheid van NAVO-strijdkrachten in de Middellandse Zee.
Laten we eerst de oefening in kaart brengen: Alles gebeurt ter hoogte van het fictieve eiland Ezir dat zich tussen Italië, Sicilië, Griekenland, Kreta en Libië bevindt. Dit eiland is verdeeld in vier naties die zich Northland (N), Westland (S), Ulzir (NE), en Ezir (SE) noemen. Een etnische groep, de Dorians, was tot de XIXde eeuw in Northland en Westland gevestigd. Maar Westland heeft de Dorians toen uit het land verdreven. In het buurland Northland hebben ze uiteindelijk de politieke partij Jumblez opgericht die ernaar streefde om een eigen land ‘Dorian' tussen Northland en Westland te stichten. Dankzij een staatsgreep neemt Jumblez de macht in Northland, maar Westland grijpt in en na een kort offensief, verliest Jumblez al snel de macht. Korte tijd na de nederlaag van Jumblez worden drie burgerschepen door mijnen beschadigd. De terugkeer naar een normale situatie voor het maritieme verkeer is hierdoor onmogelijk.
Na de nederlaag begint Jumblez een terroristische campagne in Northland waardoor zich een klimaat van onzekerheid en schrik ontwikkelt. Daarnaast heeft Westland ook een strikte maritieme blokkade tot stand gebracht om wapensmokkel naar Jumblezmilitanten te stoppen. Deze blokkade heeft echter voornamelijk tot gevolg dat de bevolking van Northland geen toegang heeft tot de nodige bevoorrading om te kunnen overleven. Op aanvraag van Northland hebben de Verenigde Naties een resolutie gestemd die de NAVO de mogelijkheid geeft een vredesoperatie op te zetten, een staakt-het-vuren tussen de twee partijen op te leggen, de toevoer van wapens en materiaal zowel te land als over zee voor de militanten van Jumblez te stoppen en de havens van Fere en Mara en hun aanloop weer relatief veilig te maken. Dit om de doorgang van de humanitaire hulp die de bevolking van Northland nodig heeft mogelijk te maken.
Om deze missie te volbrengen beschikt de commandant van de NRF over vijfendertig schepen van twaalf verschillende nationaliteiten waaronder twee groepen mijnenjagers. Wij maken samen met de schepen waarmee we tot hiertoe mee hebben gewerkt, zijnde de HMS Roebuck, de FGS Homburg, de ENS Admiral Cowan en de HMS Ledbury maar ook de Noorse HNoMS Karmoy die er pas in Augusta bijkwam, deel uit van de eerste groep. De vervanger van HNLMS Urk, de Hellevoetsluis is nog niet aangekomen. De tweede groep wordt gevormd door de Duitse schepen Rhein en Dillingen, de Griekse Eyropi, de Turkse Enez, de Italiaanse Milazzo en de Spaanse Tambre.
Andere schepen, zoals fregatten, beschermen de twee groepen mijnenjagers op korte en grotere afstand tegen maritieme of luchtaanvallen. Men noemt die schepen ook wel ‘babysitters'. Alle andere zijn verantwoordelijk voor de maritieme controle over de zone en het toezicht op de naleving van het wapenembargo. Daarnaast zijn er nog verschillende onderzeeërs aanwezig.
Om de situatie nog geloofwaardiger te maken heeft de staf verscheidene professionele journalisten ingehuurd, om de rol te spelen van ‘onafhankelijke' reporters die het conflict volgen. Deze journalisten schrijven voor de krant ‘e-bird' die alle evenementen van het conflict volgt. Dagelijks krijgen we hier een digitale versie van. Dit is een bijkomende moeilijkheid voor de staf. Die moet nu niet alleen de operaties op zich regelen, maar ook rekening houden met de verwachtingen van de bedreigde bevolking en een min of meer invloedrijke publieke opinie.
Dit was een schets van de situatie waarin we de volgende tien dagen zullen werken. Het is een heel precies en veeleisend kader.
Twaalf uur. We zijn nauwelijks in onze zone aangekomen of er is al een eerste alarm. Een luchtaanval! We bemannen de verschillende posten om eventuele inslagen meteen te kunnen stutten en brandhaarden te doven. Gelukkig wordt het schip niet beschadigd. Na de middag moeten we weer tanken. Deze keer is het een ‘fueling astern'. Het logistieke schip van de groep (de Rhein) laat een brandstofslang in het water drijven die wij dan via ons voordek oppikken en koppellen. Op zich is dit een vrij simpele methode maar als je weet dat de twee Duitse mijnenjagers op hetzelfde moment langszij tanken, is dit niet meer zo eenvoudig.
dinsdag 30 september
De zodiac van de HMS Roebuck brengt rond 08.30 u. een journaliste die de rest van de dag bij ons aan boord gaat blijven. Met de commandant gaat ze het hele schip rond en ze stelt de bemanning talloze vragen. Ze eindigt haar bezoek zelfs met een duik in de decompressiekamer samen, met de duikers en de verpleger. Om 16.30 u. controleren de duikers nogmaals de schroeven van de elektrische propulsie. Daarna kan het ‘jagen' weer starten.
woensdag 1 oktober
19.30 u. We tanken alweer! Langszij het bevoorradingsschip deze keer. In het kader van de operatie Noble Midas mogen we niet minder dan een zeker percentage diesel hebben. Het commando wil de eenheden zo beschikbaar mogelijk houden, zelfs bij onverwachte wijzigingen aan de situatie. Het motto is ‘zo weinig mogelijk tijd verliezen'! We verlaten de Rhein pas donderdagnacht. Het is 00.30 u. De rest van de nacht wijden we aan de mijnenjacht. Ook op vrijdag - dag én nacht - is dit het geval.
zaterdag 4 oktober
Weer een prachtige dag mijnen jagen! Om 14 u. schudden een explosie en een S.O.S. ons duchtig dooreen. ‘Voor oefening' is de Homburg net op een mijn gelopen. Hij heeft een aantal waterlekken en vele bemanningsleden zijn gewond. De hele groep moet hulp bieden. We mogen onze eigen veiligheid niet vergeten en we varen langzaam naar het deel van onze zone dat al ‘gejaagd' is, en dus veilig. We maken onmiddellijk onze twee zodiacs klaar en zijn uiteindelijk verantwoordelijk voor de eerste hulpverlening aan de bemanning van de Homburg. De verpleger en zijn twee gebrevetteerde assistenten begeven zich samen met vier anderen aan boord van het kreupele schip dat enkele honderden yards verder ten anker ligt. De oefening duurt een dik uur en dan kunnen het jagen weer hervatten.
zondag 5 oktober
Om 13 u. liggen we ten anker om voor onze techniekers het onderhoud van de gasturbines mogelijk te maken. We wachten daarna op de Rhein voor een nieuwe tankbeurt. Rond 18 u. gaat het anker op en een kwartier later liggen we vast, langszij het Duitse bevoorradingsschip. Om 21 u. zijn we weer vrij.
maandag 6 oktober
Vandaag is een ‘normale' dag mijnenjagen. Van 13 tot 19 uur krijgen we wel het bezoek van de commandant van de groep.
dinsdag 7 oktober
Wéér een fueling... Deze keer liggen we van 13 u. tot 15 u. gekoppeld aan een Griekse bevoorrader, de ‘Zeus'. Daarna varen we naar onze aangegeven ankerpositie waar we een nachtje blijven. Om 23.30 u. is er ‘time shift'. We passen ons aan het lokale uur in Griekenland aan, voor onze halte daar. 23.30 u. wordt 00.30 u.
woensdag 8 oktober
Om 6.10 u. gaat het anker op en begeven we ons naar Patras! Om 9 u. kondigt men via de scheepsomroep de ‘meerposten' aan. Om 10 u; liggen we in de haven en hiermee eindigt de oefening ‘Noble Midas 2008'.